Inhoud
Wie in Vlaanderen een afvalverbrandingsoven wil bouwen is onderworpen aan het Milieuvergunningendecreet en de daarbij horende uitvoeringsbesluiten VLAREM I en VLAREM II
Voordien moest een exploitant een hele reeks afzonderlijke 'milieuhygiënische' vergunningen aanvragen, zoals de exploitatievergunning, de lozingsvergunning, de vergunning voor het vernietigen van giftige afval, de vergunning voor de verwijdering van afvalstoffen, de vergunning voor het oppompen van grondwater en voor activiteiten die het grondwater kunnen verontreinigen enzovoort.
Vandaag de dag zijn al deze vergunningen geïntegreerd in de milieuvergunning, al blijft een afzonderlijke vergunning nog steeds nodig voor het capteren van oppervlaktewater en uiteraard voor het aanzienlijk wijzigen van het reliëf en uitvoeren van bouwwerken (de stedenbouwkundige vergunning of 'de bouwvergunning').
Als Recover Energy dus een afvalverbrandingsoven wil bouwen in Kampenhout, dan hebben ze daar een milieuvergunning en een stedebouwkundige vergunning voor nodig.
Tegenwoordig zijn beide vergunningen aan elkaar gekoppeld. De koppeling van milieuvergunning en stedenbouwkundige vergunning houdt niet in dat er pas een milieuvergunningsaanvraag mag ingediend worden nadat er een bouwvergunning bekomen is of omgekeerd.
De koppeling bestaat erin dat de vergunningen pas geldig zijn als ze beiden in orde zijn en ervoor zorgt dat de ene niet zonder de andere kan bestaan.
Wie dus al een milieuvergunning op zak heeft, maar geen bouwvergunning krijgt is in één klap ook zijn milieuvergunning kwijt en omgekeerd.
De milieuvergunning is de belangrijkste vergunning bij het project van de afvalverbrandingsoven.
VLAREM I verdeeld milieuvergunningen in drie klassen: klasse-1, klasse-2 en klasse-3, naargelang de vergunde activiteiten hinderlijk zijn voor mens en milieu.
Een klasse-1-inrichting - de hoogste klasse - zal per definitie meer nadelige gevolgen hebben voor mens en milieu dan een klasse-2- of klasse-3-inrichting. Een klasse-2-inrichting zal in principe meer hinder veroorzaken dan een klasse-3-inrichting.
Het hoeft niet te verbazen dat een afvalverbrandingsoven een klasse-1 milieuvergunning vereist, de meest hinderlijke soort.
Er zijn verschillen in de procedure voor vergunningen van klasse-1, klasse-2 en klasse-3. Hier beperken we ons tot het overzicht van de procedure klasse-1, de vergunning die nodig is voor de bouw van een afvalverbrandingsoven.
Bedrijven die een klasse-1 milieuvergunning willen moeten een milieuvergunningsaanvraag indienen bij de deputatie van de provincie. In het geval van de verbrandingsoven van Kampenhout is dat dus bij de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant.
Vanaf dat ogenblik verloopt de procedure in een aantal fasen:
De provincie controleert de aanvraag op eventuele tekortkomingen (zit alles er wel bij) en gaat na of de aanvraag wel is ingediend bij de bevoegde overheid. (is het bv. geen klasse-2 aanvraag die bij de gemeente moet worden ingediend)
De duur van deze fase is maximum 14 dagen.
Het openbaar onderzoek gebeurt door en op kosten van de gemeente. In ons geval dus door de gemeente Kampenhout.
De vergunningsaanvraag moet ter inzage liggen op de gemeente en moet ook worden aangeplakt.
Voor een klasse-1 aanvraag gelden nog een paar bijkomende bepalingen:
Het openbaar onderzoek duurt 30 dagen en moet worden opgestart binnen de 10 dagen nadat de provincie de aanvraag volledig en ontvankelijk heeft verklaard (de zogenaamde kennisgeving van ontvankelijkheid en volledigheid).
De resultaten van het openbaar onderzoek moeten binnen de 10 dagen na afsluiting van het onderzoek aan de provinciale milieuvergunningscommissie worden overgemaakt.
De adviesverlening start gelijktijdig met het openbaar onderzoek dat bestaat uit twee verschillende adviezen:
De provinciale milieuvergunningscommissie is samengesteld uit een vertegenwoordiging van alle betrokken overheden en deskundigen.
Ze formuleert haar advies binnen 90 dagen en maakt het maximum 14 dagen later over aan de deputatie.
Het schepencollege van Kampenhout mag ook haar advies geven. Dat moet ze doen binnen de 50 dagen en maximaal 10 dagen later overmaken aan de PMVC.
De deputatie doet uitspraak over de milieuvergunningsaanvraag binnen de 4 maanden na de kennisgeving van ontvankelijkheid en volledigheid.
De termijn is één maal verlengbaar met 2 maanden.
Indien de deputatie niet tijdig beslist wordt de vergunning geacht te zijn geweigerd.
De beslissing wordt binnen de 10 dagen meegedeeld aan de aanvrager.
Tegen de beslissing in eerste aanleg (zoals dat dan heet) kan beroep aangetekend worden door de aanvrager, de gouverneur, de adviesverlenende overheden en belanghebbende natuurlijke of rechtspersonen en milieuverenigingen.
Beroep moet binnen 30 dagen worden ingediend bij de Vlaamse Minister bevoegd voor Leefmilieu.
Het beroep schorst de beslissing van de deputatie niet tenzij het wordt ingediend door de gouverneur of door de adviesverlenende overheidsorganen.
De stedebouwkundige vergunning is wat men ook wel de bouwvergunning noemt. Belangrijkste onderscheid met de milieuvergunning is dat het in eerste instantie de gemeente Kampenhout is die bevoegd is voor de stedebouwkundige vergunning. Recover Energy moet deze vergunning dus niet bij de provincie, maar bij de gemeente Kampenhout aanvragen.
Door de dat vergunningsprocedure op gemeentelijk niveau start is er twee maal mogelijkheid tot beroep. Tegen de beslissing van de gemeente Kampenhout kan in beroep gegaan worden bij de provincie Vlaams-Brabant. Tegen de beslissing van de provincie kan dan weer beroep aangetekend worden op Vlaams niveau.
Het valt de verwachten dat het al dan niet afleveren van een bouwvergunning zal samenhangen met het al dan niet afleveren van een milieuvergunning.